|
|
 |
Afasie is een taalstoornis, ontstaan door hersenletsel. Dit hersenletsel wordt meestal veroorzaakt door een stoornis in de bloedvaten van de hersenen, door een ongeluk of een hersengezwel. Soms is iemand met afasie ten gevolge van hetzelfde hersenletsel gedeeltelijk verlamd. Afasie is een taalstoornis waardoor mensen niet meer gewoon kunnen spreken, schrijven, lezen en niet meer (of gedeeltelijk) kunnen begrijpen wat door anderen gezegd wordt. Deze stoornis treedt vaak plotseling op. Elke afasie manifesteert zich op een andere manier, afhankelijk van onder andere het gedeelte van de hersenen dat is aangedaan. Afasie is een taalstoornis. Doordat men niet of moeilijk meer kan zeggen of schrijven wat men wil, of niet volledig begrijpt wat anderen zeggen, krijgt men moeilijker contact met de medemens. Het spreekt vanzelf dat dit een ingrijpende verandering betekent in het leven van de betrokkene en zijn familie.
Enkele wenken voor de omgang met de persoon die afasie heeft.
-
Geef de persoon tijd om te begrijpen wat u tegen hem zegt. Observeer de expressie in zijn/haar gelaat.
-
Als hij u niet heeft begrepen, probeer hetzelfde op een andere manier te zeggen.
-
Maak gebruik van dagelijks terugkerende activiteiten (zoals eten, aankleden, enz), om een gesprek met hem/haar te voeren.
-
Als de persoon moeite heeft om zich uit te drukken, kunt u hem vragen stellen die hij met ja/nee kan beantwoorden. 
-
Dwing hem/haar niet te spreken indien hij/zij dat niet wil.
-
Praat niet voor hem/haar, indien dat niet strikt noodzakelijk is.
-
Behandel de persoon niet als een klein kind.
-
Als hij ongecontroleerd huilt of lacht, probeer hem/haar daarvan af te leiden.
-
Tracht de situatie aangenaam te maken voor hem/haar.
-
Onderneem activiteiten waarbij men niet direct hoeft te praten. 
-
Wanneer de persoon probeert te communiceren,stimuleer hem/haar zodat hij/zij meer gevoel van eigen waarde en vertrouwen krijgt.
-
Stimuleer hem/haar om zijn mening te geven en beslissingen te nemen. stimuleer hem om zelfstandiger te worden.
-
Laat hem/haar deelnemen aan activiteiten binnen de familiekring. 
|
|
 |